het doortrekken van de sneltram vanuit Merksem tot Brasschaat.


Provincie ANTWERPEN


 


Gemeente BRASSCHAAT


 


UITTREKSEL uit de notulen van de Gemeenteraad


 


Zitting van 01/02/2001


 


Aanwezig:


L. Bertels, burgemeester-voorzitter;


C. Decleer, W. Van der Steen, D. de Kort, A. De Smet, echtg. De Roeck, E. Devriendt, echtg. Leemans, J. Le Bon en B. Brughmans, schepenen;


F. Van Bergen, L. Sevenhans, H. Lauwers, H. Vanderbecken, M. Van Honste, J. Konings, K. Geysen, B. Verhoeven, B. Van Deuren, D. Hoegaerts, M. Langmans-De Bats, W. Corten, P. Install?, F. Van Aperen, C. Colman, J. Van Sanden, L. De Buysscher, G. Van Doorslaer, P. Hubrechts, A. De Wachter, L. Delvaux, A. Janssens, H. Schoepen en W. Van Gastel. leden;


W. Hofkens, secretaris.


 


Afwezig: F. Meeussen, lid.


 







021.


Punt toegevoegd aan de agenda op verzoek van D. Hoegaerts namens de Vlaams Blok-fractie nopens het doortrekken van de sneltram vanuit Merksem tot Brasschaat.


 


DE GEMEENTERAAD


 


Hoort D. Hoegaerts die erop wijst dat er momenteel grote infrastructuurwerken bezig zijn te Merksem om de tram door te trekken tot aan de Kleine Bareel/GB; dat er over de noodzaak van een verdere doortrekking tot Brasschaat een grote politieke consensus bestaat; dat het daarom aangewezen is dat met deze noodzaak rekening wordt gehouden bij het uitvoeren van de huidige werken te Merksem; dat de burgemeester op 11.01.2001 via de pers verklaarde dat er aan gedacht wordt de tramlijn door te trekken in 2015: dat dit volgens de Vlaams Blok-fractie veel te laat is; dat de problemen zich nu stellen; dat de dagdagelijkse verkeersoverlast van en naar Brasschaat zelfs zonder enige studie aantoont dat het nu al noodzakelijk is; dat de Vlaams Blok-fractie dus voorstelt aan de Vlaamse regering via een gezamenlijke gemeenteraadsmotie prioriteit te vragen voor dit voorstel; dat aangezien het om een gemeenschappelijke motie moet gaan het Vlaams Blok de verschillende partijen oproept suggesties te doen betreffende een ontwerp van motie;


Hoort de tussenkomst van H. Lauwers die aanvoert dat er bijna geen punt van discussie mogelijk is; dat het zijn voorganger R. Vanthillo was die deze mogelijkheid het eerst naar voor bracht; dat er intussen de decreten van 1996 en 1999 bestaan inzake de ruimtelijke structuurplanning; dat het hierdoor geen zin meer heeft terzake een motie aan de minister te richten; dat op bladzijde 225 van het provinciaal structuurplan is vermeld dat de lijn Brasschaat een stamlijn is voor het regionaal vervoer; dat deze stamlijn een tramlijn moet worden, dat dus zelf het provinciaal structuurplan verwijst naar het doortrekken van lijn 3; dat zulks dan zeker ook in het gemeentelijk structuurplan zal opgenomen worden; dat om de meerjarenplanning van ?De Lijn? te wijzigen de gemeente moet beschikken over een structuurplan en over een mobiliteitsplan en moet kunnen aantonen dat de noodzaak tot de vervroegde investering bestaat; dat er dus voor voldoende argumentatie in het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan moet worden gezorgd;


Hoort het antwoord van D. Hoegaerts die opmerkt dat als dit de beleidsintentie van het bestuur is, hij daarmee geen problemen heeft;


Hoort het antwoord van de burgemeester dat iedereen ervan overtuigd is dat lijn 3 moet doorgetrokken worden; dat hij lid is van de adviesraad van ?De Lijn?; dat hij er daar heeft op aangedrongen dat de verlenging tot Brasschaat zou opgenomen worden; dat op 29.09.1997 werd beslist tot de verlenging van het V. Roossensplein naar de Keizershoek in Merksem; dat hij toen heeft gevraagd om tot Brasschaat te verlengen; dat ?De Lijn? daar niet is op ingegaan; dat als datum 2015 werd vooropgesteld; dat het doortrekken van lijn 3 inderdaad kan vervroegd worden maar dat dit naast het structuurplan ook afhangt van het masterplan dat is goedgekeurd in het kader van het Multi Modaal Vervoersplan Antwerpen en waarin de verschillende mobiliteitsstudies van verschillende gemeenten zijn ingepast; dat wanneer een verzoek tot vervroegde doortrekking van lijn 3 zou gebeuren dit op een goed geargumenteerde manier moet gebeuren en vanuit de mobiliteitsstudie; dat hij daarom voorstelt geen motie op te stellen maar te wachten tot de mobiliteitsstudie af is en dan op basis van die studie aan te dringen op het vervroegen van de verlenging van lijn 3; dat hij van deze gelegenheid wil gebruik maken om een ander probleem aan te kaarten; dat namelijk ?De Lijn? de buurtbus met lage opstap vervangen heeft door een ouder model met 3 opstaptreden omdat men blijkbaar in Mechelen capaciteitsproblemen heeft; dat dit voor de passagiers die gewoonlijk gebruik maken van de buurtbus heel wat problemen schept; dat de gemeente haar verbintenis met ?De Lijn? steeds stipt is nagekomen; dat hij de mening is toegedaan dat de handelswijze van ?De Lijn? niet correct is; dat hij daarom voorstelt om namens de gemeenteraad een brief te richten aan de raad van bestuur van ?De Lijn? om hierover te protesteren;


Hoort de tussenkomst van M. Van Honste dat het doortrekken van lijn 3 tegen 2015 inderdaad ruim laat is; dat het aangewezen is te onderzoeken of er geen ondergrondse parking dient aangelegd te worden voor de tramgebruikers maar bijvoorbeeld ook ter ontlasting van het park in de weekends en of er ook niet moet nagegaan worden of er geen gedeelte van het traject ondergronds moet gelegd worden; dat de VLD-fractie daarom verzoekt om absolute voorrang te verlenen aan de mobiliteitsstudie;


Hoort het antwoord van de burgemeester dat er reeds een vergadering van de verkeerscel in verband met de synthesenota is geweest en dat de definitieve ori?ntatienota in de gemeenteraadscommissie voor verkeersveiligheid zal besproken worden;


Be?indigt hiermede de behandeling van deze aangelegenheid en stemt in met het verzenden naar de raad van bestuur van De Lijn van een brief namens de gemeenteraad om te protesteren tegen de vervanging van de buurtbus door een ouder en voor de minder valide burgers, minder toegankelijk exemplaar en aan te dringen op een spoedige vervanging door een bus met lage opstapvloer.


 


Gedaan in zitting datum als boven.


 


Bij verordening:


De Secretaris,                                                            De Voorzitter,


(w.g.) W. Hofkens.                                                     (w.g.) L. Bertels.


VOOR EENSLUIDEND UITTREKSEL:


Bij verordening:


De Secretaris,                                                            De Burgemeester,


 


 


W. Hofkens.                                                               L. Bertels.

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...